Interview Jacob de Haan | Tasmania
Tasmania – Jacob de Haan

Een verre zeereis, een oude zeemansmelodie en een componist die vooral een verhaal wil vertellen. Met Tasmania wacht de deelnemers in de vierde divisie van de ONFK een avontuur dat verder gaat dan het instuderen van de noten. Want toegankelijk klinkende muziek is nog niet vanzelfsprekend gemakkelijk. Tasmanië, in Australië: verder weg kun je het bijna niet zoeken. En toch begint het verhaal achter Tasmania van Jacob de Haan gewoon in… het Groningse Lutjegast. Daar werd in 1603 Abel Tasman geboren, de ontdekkingsreiziger naar wie het eiland uiteindelijk werd genoemd. En laat nu juist Muziekvereniging De Bazuin uit Lutjegast de componist uit het Groningse Sellingen hebben gevraagd om een nieuw werk te schrijven. Dan hoef je als componist natuurlijk niet heel lang naar een onderwerp te zoeken. Hoewel… Jacob maakte er bepaald geen vrolijk muzikaal reisverslag van. Natuurlijk is er het avontuur. De zee, het onbekende, een ontdekkingsreiziger die niet weet wat er achter de horizon ligt. Maar tijdens ons gesprek wijst hij ook op de andere kant. Onderdrukking en uitbuiting hoorden óók bij die geschiedenis. En precies die tegenstelling wilde hij in de muziek hebben. Daar kwam nog een mooie vondst bij: de oude Britse zeemansmelodie “Blow the Wind Southerly”. Zee, wind, avontuur, een verre horizon. Je ziet Abel Tasman bijna vertrekken. Tasmania werd oorspronkelijk geschreven voor een orkest op derde-divisieniveau. Voor de ONFK komt het werk terecht in de vierde divisie. Dus was mijn logische vraag aan Jacob natuurlijk: wat moet je dan aan zo’n werk veranderen? Het antwoord is eigenlijk heerlijk eenvoudig. Op een aantal plaatsen ging gewoon het tempo iets naar beneden. Even de handrem erop dus. En toen gebeurde er iets aardigs. Sommige passages leden daar helemaal niet onder. Sterker nog, Jacob vond dat bepaalde gedeelten er muzikaal zelfs beter van werden. Maar wie nu denkt: mooi, vierde divisie, tempo iets lager, appeltje-eitje… Zo gemakkelijk komen we er natuurlijk niet vanaf. De echte moeilijkheid zit volgens Jacob helemaal niet alleen in de noten. Natuurlijk moet het technisch voor elkaar zijn. Maar daarna begint het pas. Je moet een verhaal vertellen. Spanning opbouwen. Verschillende emoties laten horen. Het avontuur voelbaar maken, maar ook die donkere kant. Het publiek moet niet alleen denken: dat was keurig gespeeld. Nee, het moet iets hebben beleefd. En daar wordt Tasmania ineens een stuk minder eenvoudig van. Want hoe krijg je dat als dirigent en orkest voor elkaar? Waar gaat de muziek naartoe? Wanneer houd je iets tegen en wanneer laat je het juist gaan? Dat zijn de vragen waar het voor mij interessant wordt. Ik vind het altijd interessant om een componist te vragen hoe zo’n werk ontstaat. Zit je achter de piano en is daar ineens… inspiratie? Nou, bij Jacob dus niet. Hij gaat gewoon aan het werk. Aan de piano improviseren. Zoeken. Uitproberen. Ideeën vastleggen op zijn iPhone. Een thema eens langzaam spelen, dan sneller, het ritme veranderen. Kijken wat ermee gebeurt. En soms hoeft hij nog helemaal niet te weten waar zo’n muzikaal idee uiteindelijk terechtkomt. Eigenlijk een soort muzikale grabbelton. Pas daarna komt misschien wel het moeilijkste: van al die losse vondsten één verhaal maken dat klopt. En soms lukt er een hele dag helemaal niets. Althans, dat denk je. Want de volgende dag blijkt er toch iets te zijn gebeurd. Jacob zegt het treffend: soms moet er eerst een tijdje gebroed worden voordat er een ei komt. Dit vind ik eigenlijk een geruststellende gedachte. Zelfs bij een componist met een enorme stapel werken op zijn naam komt de inspiratie dus niet iedere ochtend om negen uur keurig binnenwandelen. En dan toch maar die vraag. Want Jacob heeft natuurlijk een reputatie. Vraag een willekeurige blaasmuzikant naar zijn muziek en de kans is groot dat hij ooit iets van hem heeft gespeeld. Zijn muziek klinkt over de hele wereld. Herkenbaar, toegankelijk en vaak prettig in het oor. Maar juist dat succes lijkt soms ook een beetje tegen hem te werken. Want toegankelijk wordt in onze blaasmuziekwereld nogal gemakkelijk vertaald als: eenvoudig. Is dat eigenlijk wel terecht? Wat tijdens ons gesprek opvalt, is dat Jacob zelf steeds weer bij iets anders uitkomt: emotie. Hij wil een verhaal vertellen. Niet voor niets is hij een groot liefhebber van opera. Daar gebeurt precies wat hem interesseert: dramatiek, spanning, emotie, een verhaal dat ergens naartoe gaat. Eigenlijk doet hij in zijn muziek voor blaasorkest hetzelfde. Hij voelt dan ook niet de behoefte om ineens een symfonie of opera te moeten schrijven om te bewijzen dat hij óók ingewikkeld kan doen. Fanfare, harmonie en brassband geven hem blijkbaar genoeg mogelijkheden om te vertellen wat hij wil vertellen. En misschien zit daar wel iets interessants. Want muziek ingewikkeld maken kan. Maar probeer maar eens muziek te schrijven die muzikanten graag spelen, die voor een orkest werkt, die een publiek begrijpt én waarbij mensen na de laatste noot het gevoel hebben dat ze ergens zijn geweest. Misschien is dát wel helemaal niet zo eenvoudig. We hadden het over inspiratie. Over emotie. Over waar muziek eigenlijk vandaan komt. En toen vertelde Jacob ineens iets over Oregon. Nu is dat bepaald geen onbekend werk. Maar wat hij vervolgens vertelde, had ik nog nooit gehoord. In de periode waarin hij aan Oregon werkte, moest hij afscheid nemen van zijn kat. Het dier was ziek en moest worden ingeslapen. En dat verdriet nam hij mee naar de piano. Zonder dat daar een groot plan achter zat, vond die emotie haar weg naar de muziek. De melancholie rond dat afscheid kwam terecht in Oregon, namelijk in de eerste 16 maten die hij extra componeerde toen het werk al klaar leek. Hoeveel duizenden muzikanten zullen die muziek inmiddels hebben gespeeld? Hoeveel dirigenten hebben geprobeerd juist die emotie uit zo’n passage te halen? En vrijwel niemand wist waar die emotie oorspronkelijk vandaan kwam. Van iets heel kleins en heel persoonlijks - het afscheid van een kat. Een relatief klein verdriet, nu verstopt in een wereldwijde bestseller. Wie Oregon kent, speelt of luistert de volgende keer misschien toch nét even anders. En voor mij raakt dit ook aan de uitdaging van Tasmania. Natuurlijk moeten de noten kloppen. Maar speel vooral niet alleen wat er staat. Vertel waarom het er staat. Laat ons de zee horen, het avontuur, de spanning en de wind. Maar ook de schaduwzijde van het verhaal. Want als ik Jacob goed begrijp, begint Tasmania pas echt wanneer de noten zijn ingestudeerd.Van Lutjegast naar de andere kant van de wereld
Even de handrem erop
Inspiratie heeft geen prikklok
Maar is het nou eenvoudig?
En toen kwam de kat ter sprake